ECLI:NL:RBGRO:2011:BQ9129
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A. Flinterman
- M.J.B. Holsink
- S. Stenfert Kroese
- Rechtspraak.nl
Vervangende toestemming erkenning en omgangsregeling minderjarige kind
De man verzocht de rechtbank om vervangende toestemming te verlenen voor de erkenning van zijn minderjarige kind A., een omgangsregeling vast te stellen en gezamenlijk gezag toe te wijzen. De vrouw verzette zich tegen deze verzoeken. De rechtbank stelde vast dat de man de biologische vader is en dat erkenning geen schade zou toebrengen aan de belangen van het kind of de vrouw.
De omgang tussen de man en het kind was jarenlang regelmatig, maar werd begin 2011 door de vrouw stopgezet na conflicten. De rechtbank oordeelde dat het in het belang van het kind is dat de omgang wordt hersteld en stelde een voorlopige omgangsregeling vast, waarbij de man het kind één weekend per veertien dagen en de helft van de vakanties mag ontvangen. De definitieve regeling wordt bepaald na mediation.
Verzoeken van de man om een dwangsom op te leggen aan de vrouw en om de omgangsregeling met behulp van politie of deurwaarder af te dwingen, werden afgewezen. De rechtbank hield de beslissing over gezamenlijk gezag aan, onder voorwaarde dat de man spoedig tot erkenning overgaat en dat mediation de communicatie tussen partijen verbetert.
De rechtbank benadrukte het belang van een ongestoorde verhouding tussen het kind en beide ouders, en vond geen aanwijzingen dat erkenning of omgang de belangen van het kind zou schaden. Partijen werden opgeroepen om zich schriftelijk uit te laten over de resterende geschilpunten voor de rolzitting in september 2011.
Uitkomst: De rechtbank verleent vervangende toestemming voor erkenning en stelt een voorlopige omgangsregeling vast, terwijl verzoeken tot dwangsom en tenuitvoerlegging worden afgewezen en beslissing over gezag wordt aangehouden.