ECLI:NL:RBGRO:2011:BS8703
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verlenging ondertoezichtstelling wegens onvoldoende gronden
In deze zaak heeft het bureau jeugdzorg Groningen (bjz) verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen, vanwege zorgen over hun ontwikkeling in een ongunstige opvoedingssituatie. De ondertoezichtstelling was in augustus 2010 uitgesproken wegens ernstige zorgen over de thuissituatie.
Tijdens de zitting gaf bjz aan dat de doelen van de ondertoezichtstelling nog niet waren bereikt, mede omdat de moeder zich niet aan afspraken hield en hulpverlening niet van de grond kwam. De moeder heeft echter zelf via de huisarts hulpverlening voor een van de kinderen geregeld. De vader was tegen verlenging en stelde dat de gronden voor ondertoezichtstelling niet meer aanwezig waren.
De kinderrechter oordeelde dat de gronden voor ondertoezichtstelling niet langer aanwezig waren en dat de moeder gemotiveerd is om de ingezette hulp voort te zetten. De nalatigheid van bjz om hulp te bieden werd als afkeurenswaardig beoordeeld. De rechter wees het verzoek tot verlenging daarom af.
Uitkomst: Het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling wordt afgewezen omdat de gronden niet langer aanwezig zijn.