ECLI:NL:RBGRO:2011:BU4107
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Wijziging omgangsregeling en opheffing reisbeperking vader met minderjarige zoon
De rechtbank Groningen behandelde een verzoek tot wijziging van een omgangsregeling tussen een vader en zijn minderjarige zoon, waarbij de vader verzocht om opheffing van een reisbeperking die hem verbood met zijn zoon buiten Europa op vakantie te gaan.
De vrouw, moeder van het kind, vreesde dat de man het kind zou ontvoeren naar zijn land van herkomst. De man had echter afstand gedaan van zijn oorspronkelijke nationaliteit en was sociaal en professioneel geworteld in Nederland. De rechtbank oordeelde dat de kans op ontvoering gering was en dat de beperking daarom opgeheven kon worden.
Daarnaast werd het verzoek van de man om een specifieke telefonische contactregeling en een aangepaste vakantieregeling toegewezen. De vrouw werd niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoeken wegens gebrek aan nieuwe argumenten. Een door de man verzocht opleggen van een dwangsom werd afgewezen omdat geen stelselmatig niet-naleven van omgang was gebleken.
De rechtbank benadrukte het belang van contact tussen vader en zoon en stelde een gedetailleerde regeling vast voor telefonisch contact en vakanties, waarbij rekening werd gehouden met de belangen van het kind en de praktische uitvoerbaarheid van de omgangsregeling.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de omgangsregeling en heft de reisbeperking op, waardoor de vader met zijn zoon buiten Europa op vakantie mag.