ECLI:NL:RBGRO:2012:BW3597
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling redelijke hoogte van buitengerechtelijke en proceskosten in civiele procedure
In deze civiele procedure heeft de rechtbank Groningen de hoogte van de door eiser gemaakte buitengerechtelijke kosten en proceskosten vastgesteld. Eiser had een advocaat ingeschakeld die uren maakte tegen een overeengekomen tarief dat na succes in de procedure verhoogd mocht worden. De rechtbank oordeelde dat de gemaakte uren en het tarief van €250 per uur redelijk zijn, ondanks bezwaren van gedaagden.
De rechtbank wees de kosten toe op grond van artikel 6:96 lid 2 BW Pro, waarbij zij een dubbele redelijkheidstoets toepaste. Kosten die verband hielden met een tuchtrechtelijke procedure werden niet vergoed. De proceskosten werden eveneens toegewezen, inclusief griffierecht, salaris advocaat en dagvaardingskosten.
Gedaagden werden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van een bedrag van €55.522,17 vermeerderd met wettelijke rente vanaf 1 december 2009. De rechtbank wees het meer of anders gevorderde af en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €55.522,17 plus wettelijke rente en proceskosten.