ECLI:NL:RBGRO:2012:BY2295
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.J. Agema
- D.M. Schuiling
- Th.A. Wiersma
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen illegale grensoverschrijdende afvaloverbrenging en overtreding milieuwetgeving
De rechtbank Groningen behandelde een economische strafzaak tegen een verdachte rechtspersoon gevestigd in Duitsland, die tussen 2005 en 2010 afvalstoffen illegaal over de grens heeft overgebracht naar Polen en Duitsland. De tenlastelegging betrof medeplegen van overtredingen van artikel 10.60 van de Wet milieubeheer en EG-verordeningen betreffende afvaloverbrenging, waarbij afvalstoffen werden getransporteerd zonder geldige toestemming of in strijd met aanvullende voorwaarden.
De rechtbank verklaarde de dagvaarding deels nietig wegens onvoldoende specificatie van de zorgplicht ten aanzien van het milieu. Voor de bewezenverklaring baseerde de rechtbank zich op verklaringen van betrokkenen, proces-verbalen en schriftelijke stukken, waaronder kennisgevingen en sorteerschema's. Het bleek dat afvalstoffen niet voldeden aan de gestelde voorwaarden en dat de verdachte als feitelijk leidinggevende wetenschap had van de illegale overbrengingen zonder voldoende maatregelen te nemen.
De rechtbank oordeelde dat sprake was van medeplegen met opzet en veroordeelde de verdachte tot een geldboete van €200.000. De straf werd lager vastgesteld dan geëist vanwege gedeeltelijke vrijspraak en het feit dat de verdachte niet eerder met justitie in aanraking was gekomen. De rechtbank benadrukte de milieuschade en het ondermijnen van het controlesysteem van de EVOA door het handelen van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete van €200.000 voor medeplegen van illegale afvaloverbrenging.