ECLI:NL:RBGRO:2012:BY4904

Rechtbank Groningen

Datum uitspraak
27 november 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
137637/PR RK 12-509
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 512 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet ontvankelijk verklaring wrakingsverzoek na eindbeslissing raadkamer

Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen drie rechters van de strafsector van de Rechtbank Groningen in een strafzaak met parketnummer 18/830074-12. Het verzoek betrof bezwaren tegen het ontbreken van een deugdelijke motivering van een raadkamerbeschikking van 21 november 2012.

De rechtbank oordeelde dat een wrakingsverzoek slechts kan worden ingediend voordat een beslissing is genomen. Omdat de raadkamerprocedure op 21 november 2012 was geëindigd en het wrakingsverzoek pas op 22 november 2012 om 16:58 uur werd ingediend, was het verzoek niet ontvankelijk. Daarnaast kunnen bezwaren over de motivering van een beschikking geen grond vormen voor wraking.

De rechtbank besloot daarom het verzoek niet-ontvankelijk te verklaren en zag geen aanleiding tot mondelinge behandeling. De beslissing werd onmiddellijk aan alle betrokkenen medegedeeld.

Uitkomst: Wrakingsverzoek niet ontvankelijk verklaard omdat het na de eindbeslissing van de raadkamer is ingediend.

Uitspraak

beslissing
RECHTBANK GRONINGEN
MEERVOUDIGE KAMER
Zaaknummer: 137637 / PR RK 12-509
Datum beslissing: 27 november 2012
Beslissing op het schriftelijke verzoek tot wraking ingevolge artikel 512 van Pro het Wetboek van Strafvordering Sv van
[naam]
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats], [adres]
verzoeker,
advocaat mr. J.B. Boone.
1. Procesverloop
Bij fax brief van 22 november 2012 heeft verzoeker een verzoek ingediend tot wraking van mrs. L.H.AM. Voncken, M.J. Oostveen en J.V. Nolta, rechters in de strafsector van deze rechtbank, in de zaak met parketnummer 18/830074-12, waarbij verzoeker als verdachte is betrokken.
2. De beoordeling
Uit het verzoekschrift blijkt dat verzoeker zich baseert op een raadkamerbeschikking d.d. 21 november 2012 van voornoemde rechters in de zaak met parketnummer 18/830074-12. Deze raadkamerprocedure is geëindigd middels voornoemde beschikking op 21 november 2012.
Uit het verzoekschrift blijkt dat verzoekers raadsman voornoemde beschikking op 22 november 2012 om 13:28 uur heeft ontvangen.
Het onderhavige wrakingsverzoek (met bijsluiting van een afschrift van de gegeven beslissing) is op 22 november 2012 om 16:58 uur ingediend.
Een verzoek tot wraking kan slechts worden gedaan totdat een beslissing is genomen. Uit het verzoekschrift blijkt verder dat de bezwaren van verzoeker zich richten tegen het ontbreken van een deugdelijke motivering van de raadkamerbeschikking. Dergelijke bezwaren kunnen een verzoek tot wraking niet onderbouwen.
Nu niet aan de formele vereisten voor een verzoek tot wraking is voldaan kan verzoeker niet in zijn verzoek worden ontvangen. Tot een mondelinge behandeling behoeft derhalve niet te worden overgegaan.
3. Beslissing
De rechtbank:
3.1. verklaart verzoeker niet ontvankelijk in zijn verzoek,
3.2. beveelt de onmiddellijke mededeling van deze beslissing aan verzoeker,
mrs. L.H.AM. Voncken, M.J. Oostveen en J.V. Nolta en de hoofdofficier van justitie in het arrondissement Groningen.
Aldus gegeven door mrs. M.W. de Jonge, voorzitter, R.B.M. Keurentjes, en Th.A. Wiersma, rechters, in tegenwoordigheid van K. Bootsman als griffier en in het openbaar uitgesproken op 27 november 2012.
kb