ECLI:NL:RBHAA:2002:AE6974
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.J. Harts
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid jachthouder voor schade door hazen aan gewassen op landbouwpercelen
De zaak betreft een geschil tussen een grondgebruiker en een jachthouder over schade veroorzaakt door hazen aan anjers en solidago op landbouwpercelen. De jachthouder had het jachtrecht gehuurd, maar had de percelen de laatste jaren niet bejaagd, terwijl de percelen niet bejaagbaar waren als zelfstandig veld met geweer.
De jachthouder had een vergunning voor bejaging buiten het jachtseizoen aangevraagd, maar deze was aanvankelijk geweigerd. De Wildschadecommissie stelde dat de jachthouder voor 75% aansprakelijk was omdat hij zijn inspanningsverplichting niet was nagekomen. De jachthouder voerde aan dat hij alles had gedaan wat redelijk was en dat de grondgebruiker zelf preventieve maatregelen had moeten nemen.
De kantonrechter oordeelde dat de jachthouder tekort was geschoten omdat hij zijn jachtrecht niet had ingebracht in de Wildbeheereenheid, waardoor de percelen bejaagbaar hadden kunnen worden gemaakt. Ook het verweer dat een lid van de WBE onacceptabele voorwaarden stelde, was onvoldoende. De kantonrechter wees de vordering toe en veroordeelde de jachthouder tot betaling van 75% van de schade, incassokosten en rente.
Uitkomst: De jachthouder wordt veroordeeld tot betaling van 75% van de schade door hazenvraat, incassokosten en rente.