ECLI:NL:RBHAA:2002:AN7523
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.G. Kemmers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek grootouders tot omgangsregeling met kleindochter wegens ontbreken nauwe persoonlijke betrekking
De grootouders hebben bij de rechtbank Haarlem een verzoek ingediend om een omgangsregeling vast te stellen met hun kleindochter, waarbij zij een dag per maand contact wilden hebben. Het verzoek was gebaseerd op de stelling dat er een nauwe persoonlijke betrekking tussen hen en het kind bestond en dat het kind belang had bij regelmatige omgang.
De ouders van het kind voerden verweer en stelden dat er geen nauwe persoonlijke betrekking was en dat het niet in het belang van het kind was om de omgangsregeling vast te stellen. De rechtbank heeft vastgesteld dat er tot een bepaald moment regelmatig contact was tussen de grootouders en het kind, maar dat dit contact daarna door de ouders werd verbroken vanwege eerdere heftige ruzies en een dominante houding van de grootvader.
De rechtbank oordeelde dat een nauwe persoonlijke betrekking meer vereist dan alleen familieband en regulier contact; er moeten bijkomende omstandigheden zijn die een bijzondere band aantonen. Deze bijzondere band was niet aangetoond. Daarom wees de rechtbank het verzoek af en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het verzoek van de grootouders tot vaststelling van een omgangsregeling met hun kleindochter wordt afgewezen wegens het ontbreken van een nauwe persoonlijke betrekking.