ECLI:NL:RBHAA:2003:AI0303
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Bijvoet
- De Ruijter
- Scherpenhuijsen Rom
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens invoer van 2,2 kilo cocaïne op Schiphol
Op 23 mei 2003 werd verdachte op Schiphol aangehouden nadat in haar reisbagage ongeveer 2.205,7 gram cocaïne werd aangetroffen. De controle vond plaats nadat opsporingsambtenaren verdachte samen met twee mannen zagen die zij wilden controleren op grond van de Wet wapens en munitie. Verdachte werd aangesproken en vertoonde zenuwachtig gedrag, waarna een onderzoek van haar tas op grond van de Opiumwet plaatsvond.
De verdediging voerde aan dat het bewijs onrechtmatig was verkregen omdat de controle van de mannen onrechtmatig zou zijn en dat verdachte ten onrechte zonder cautie was ondervraagd. De rechtbank verwierp dit verweer omdat de controle zich niet tot verdachte uitstrekte en er voldoende feiten en omstandigheden waren die een redelijk vermoeden van schuld opleverden om haar tas te onderzoeken.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk cocaïne had ingevoerd, een strafbaar feit onder de Opiumwet. Er waren geen omstandigheden die de strafbaarheid uitsloten. Gelet op de ernst van het feit, de hoeveelheid cocaïne en de maatschappelijke gevolgen van drugshandel, werd een gevangenisstraf van vijftien maanden opgelegd.
Daarnaast werd het vliegticket van verdachte verbeurd verklaard omdat het gebruikt was bij het plegen van het feit. De rechtbank vond geen aanleiding voor strafvermindering en wees het verzoek daartoe af. De tijd die verdachte in voorlopige hechtenis had doorgebracht, werd in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijftien maanden gevangenisstraf voor het opzettelijk invoeren van cocaïne.