ECLI:NL:RBHAA:2004:AO2173
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- A.J. van der Meer
- Rechtspraak.nl
Geschil over nakoming bergingsovereenkomsten tussen Regiopolitie Kennemerland en bergingsbedrijven
De Regiopolitie Kennemerland en vier bergingsbedrijven zijn in geschil geraakt over de uitleg en nakoming van bergingsovereenkomsten uit 1995. De bergingsbedrijven stellen dat de overeenkomsten ook eerste bergingen op hoofd- en onderliggend wegennet omvatten, terwijl de politie dit beperkt tot politieslepen. De rechtbank heeft in een eerder kort geding geoordeeld dat de overeenkomsten ook eerste bergingen betreffen op het onderliggende wegennet en de politie verplicht zijn deze na te komen.
De politie kan echter niet voldoen aan een onderdeel van het vonnis dat vereist dat zij persoonsgegevens van gestrande automobilisten aan de bergingsbedrijven verstrekt, vanwege wettelijke privacyregels. Partijen hebben hierover afspraken gemaakt, waardoor dwangsommen die de bergingsbedrijven opeisen onrechtmatig zijn. De rechtbank verbiedt de tenuitvoerlegging van het eerdere vonnis voor zover het dwangsommen betreft.
Voor het hoofdwegennet vordert de bergingsbedrijven alsnog nakoming, maar de rechtbank oordeelt dat dit punt niet definitief kan worden beslist in kort geding vanwege onzekerheid over de contractuele reikwijdte en de noodzaak van nader bewijs. Bovendien heeft de politie een overeenkomst met Rijkswaterstaat die exclusiviteit aan andere bergers verleent. De vorderingen voor het hoofdwegennet worden afgewezen.
De rechtbank wijst de bergingsbedrijven in beide zaken in de kosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en gewezen door voorzieningenrechter A.J. van der Meer op 22 januari 2004.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt de tenuitvoerlegging van dwangsommen en wijst vorderingen voor het hoofdwegennet af wegens onzekerheid over de contractuele reikwijdte.