ECLI:NL:RBHAA:2004:AO9902
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toestemming lijfsdwang wegens herhaalde terugkeer in woning na ontruiming
In deze zaak vordert eiseres lijfsdwang tegen gedaagde, omdat deze zich na een eerdere ontruiming en een vonnis van de voorzieningenrechter van 12 december 2003, herhaaldelijk toegang tot de woning heeft verschaft en het vonnis naast zich neerlegt.
De voorzieningenrechter constateert dat gedaagde het vonnis negeert en ondanks eerdere executiemaatregelen, waaronder het vervangen van sloten en politie-inzet, terugkeert in de woning. De vordering tot lijfsdwang wordt toegewezen als een ultimum remedium om naleving van het vonnis af te dwingen.
De rechter bepaalt dat de eerste gijzeling maximaal zeven dagen mag duren en bij herhaling maximaal veertien dagen, met een totaalmaximum van één jaar, conform artikel 589 lid 1 Rv Pro. Verzoek tot dadelijke tenuitvoerlegging wordt afgewezen vanwege het belang van gedaagde om kennis te nemen van het vonnis.
Gedaagde wordt in de kosten veroordeeld en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad. De uitspraak benadrukt het belang van handhaving van rechterlijke uitspraken en de bescherming van eigendomsrechten en persoonlijke levenssfeer van eiseres.
Uitkomst: De voorzieningenrechter staat lijfsdwang toe tegen gedaagde die ondanks ontruiming en verbod herhaaldelijk terugkeert in de woning.