ECLI:NL:RBHAA:2004:AR7011

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
26 oktober 2004
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
101226/2004
Instantie
Rechtbank Haarlem
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 56 RvArt. 4 lid 3 EG-betekeningsverordening 1348/2000Art. 10 EG-betekeningsverordening 1348/2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betekening echtscheidingsverzoek en taalbegrip van de vrouw

In deze zaak speelt de vraag of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft in een echtscheidingsverzoek waarbij de man de Nederlandse en de vrouw de Duitse nationaliteit bezit. De rechtbank bevestigt de Nederlandse rechtsmacht omdat de man zes maanden voorafgaand aan het verzoek in Nederland verbleef.

De betekening van het verzoekschrift aan de vrouw vond plaats via het Duitse Amtsgericht Hamburg, conform de EG-betekeningsverordening 1348/2000. De vrouw weigerde de stukken te accepteren vanwege de Nederlandse taal waarin zij waren gesteld. Dit wordt gezien als een gebrek in de betekening dat kan leiden tot nietigheid, tenzij de vrouw de taal begrijpt.

De rechtbank oordeelt dat de man de mogelijkheid moet krijgen om te bewijzen dat de vrouw de Nederlandse taal wel degelijk begrijpt, alvorens over nietigheid te beslissen. De behandeling van de zaak wordt daarom aangehouden en de man krijgt een termijn om zijn stelling schriftelijk te onderbouwen.

Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan en stelt de man in de gelegenheid om te bewijzen dat de vrouw de Nederlandse taal begrijpt.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Zaaknummer : [nummer]
Datum beschikking : [datum]
echtscheiding
BESCHIKKING ENKELVOUDIGE KAMER VOOR FAMILIEZAKEN
in de zaak van:
[naam man],
wonende te [plaats],
hierna mede te noemen: de man,
procureur mr. G.B.J. Montagne,
-- tegen --
[naam vrouw],
wonende te [plaats],
hierna mede te noemen: de vrouw.
1 Verloop van de procedure
Voor het verloop van de procedure verwijst de rechtbank naar de volgende stukken:
- het op [datum] ter griffie van deze rechtbank ontvangen verzoekschrift van de man;
- het op [datum] ter griffie van deze rechtbank ontvangen exploot van betekening;
- de op [datum] ter griffie van deze rechtbank ontvangen brief van de procureur van de man, met als bijlage het “Certificate of service or non-service of documents”als bedoeld in artikel 10 van Pro de verordening EG nr. 13984/2000.
Beoordeling
Door de omstandigheid dat de man de Nederlandse nationaliteit bezit en de vrouw de Duitse, draagt de onderhavige zaak een internationaal karakter zodat eerst de vraag dient te worden beantwoord of de Nederlandse rechter in deze zaak rechtsmacht toekomt.
Deze vraag wordt ten aanzien van het verzoek tot echtscheiding bevestigend beantwoord, nu uit de overgelegde stukken blijkt dat de man de Nederlandse nationaliteit heeft en hij gedurende zes maanden voorafgaande aan het verzoek in Nederland verblijft.
Ten aanzien van de betekening van het verzoek tot echtscheiding aan de vrouw is de Verordening nummer 1348/2000 van de Raad van 29 mei 2000 inzake de Betekening en Kennisgevingen in de lidstaten van gerechtelijke stukken in Burgerlijke of in Handelszaken (1348/2000), ook genoemd de EG-betekeningsverordening, van toepassing, nu het een burgerlijke zaak betreft en de vrouw in een lidstaat woont en aldaar een bekend adres heeft.
Op verzoek van de man heeft de deurwaarder het verzoekschrift tot echtscheiding en twee afschriften van het exploot op [datum] ter betekening aan de vrouw uit kracht van artikel 56 Rv Pro en conform het bepaalde in afdeling I van genoemde EG-verordening verzonden aan het Amtsgericht Hamburg te Sievekingplatz 1 te Hamburg, Duitsland.
Uit het “Certificate of service or non-service of documents” is gebleken dat de vrouw geweigerd heeft deze stukken te accepteren om reden van de taal waarin zij zijn opgesteld. In het exploot van de deurwaarder staat vermeld dat een vertaling van het exploot en het verzoekschrift niet is bijgevoegd aangezien de vrouw de Nederlandse taal machtig is en begrijpt en het formulier als bedoeld in artikel 4 derde Pro lid van genoemde verordening door de gerechtsdeurwaarder is ingevuld in de Duitse taal.
Dat de vrouw heeft geweigerd de stukken te accepteren om reden van de taal waarin deze stukken zijn opgesteld, is een gebrek in de betekening, welk gebrek kan leiden tot nietigheid van de betekening, tenzij de vrouw de stukken niet had mogen weigeren omdat deze weliswaar zijn gesteld in de taal van de lidstaat van verzending maar de vrouw deze taal begrijpt. Allereerst ligt dan ook de vraag voor of de vrouw op goede gronden heeft mogen weigeren het stuk in ontvangst te nemen.
Nu uit bovengenoemd certificaat niet blijkt dat de vrouw de Nederlandse taal niet zou begrijpen, is de rechtbank van oordeel dat alvorens omtrent de nietigheid van de betekening kan worden beslist de man in de gelegenheid dient te worden gesteld om de stelling dat de vrouw de Nederlandse taal begrijpt nader met feiten en omstandigheden te onderbouwen.
Beslissing:
De rechtbank:
Stelt de man in de gelegenheid om tot uiterlijk [datum] de stelling - dat de vrouw de Nederlandse taal begrijpt - met feiten en omstandigheden schriftelijk te onderbouwen.
Houdt de behandeling van de zaak aan tot [datum] Pro Forma.
Houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.A. Mink en in het openbaar uit-gesproken ter terechtzitting van [datum], in tegenwoor-digheid van de griffier.