ECLI:NL:RBHAA:2004:AU3848

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
6 oktober 2004
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
206524
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • F.J.P. Veenhof
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:658 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitbreiding deskundigenonderzoek met arbeidsdeskundige in aansprakelijkheidszaak psychische schade

In deze zaak vordert eiseres een uitspraak over de aansprakelijkheid van haar werkgever, Holland Catering Specialisten B.V., voor psychische schade op grond van artikel 7:658 BW Pro. De kantonrechter verwijst naar een eerder tussenvonnis van 11 augustus 2004 en een aanvullend schrijven van de benoemde deskundige.

De deskundige verzoekt het onderzoek uit te breiden met een arbeidsdeskundig onderzoek in samenwerking met een arbeidsdeskundige, omdat dit de kwaliteit van het onderzoek en het antwoord op de gestelde vragen zal verbeteren. De kantonrechter acht dit verzoek toewijsbaar, mede omdat deze uitbreiding geen nadelig effect zal hebben op de duur van het onderzoek.

Het vonnis van 11 augustus 2004 wordt aangevuld met deze uitbreiding. De deskundige moet binnen drie maanden na dit vonnis een schriftelijk en ondertekend rapport indienen. De zaak wordt aangehouden en zal opnieuw worden behandeld op de vierde woensdag na ontvangst van het rapport. De griffier zal de deskundige een afschrift van dit vonnis toezenden.

Uitkomst: Uitbreiding deskundigenonderzoek met arbeidsdeskundige toegestaan en verdere beslissing aangehouden.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
sector kanton, locatie Haarlem
zaaknummer: 206524
datum vonnis: 6 oktober 2004
VONNIS VAN DE KANTONRECHTER TE HAARLEM
in de zaak van:
[eiseres],
te [woonplaats],
EISERES,
hierna: [eiseres],
gemachtigde mr. M.A.I. Gerards, SRK Rechtsbijstand,
--tegen--
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
HOLLAND CATERING SPECIALISTEN B.V.,
te Haarlem,
GEDAAGDE,
hierna: HCS,
gemachtigde H. Terhoeven.
1. Het verloop van de procedure
Voor de loop van het geding verwijst de kantonrechter naar de volgende stukken, waarvan de inhoud als hier ingevoegd is te beschouwen:
- het door de kantonrechter tussen partijen gewezen en op 11 augustus 2004 uitgesproken tussenvonnis en de daarin genoemde stukken,
- het schrijven van de bij dat vonnis benoemde deskundige van 2 september 2004.
2. De verdere beoordeling van het geschil
2.1 Bij zijn schrijven van 2 september 2004 heeft de benoemde deskundige verzocht hem toe te staan het onderzoek te mogen uitbreiden met een arbeidsdeskundig onderzoek in samenwerking met de arbeidsdeskundige [naam arbeidskundige].
2.2 Gelet op het feit dat inschakeling van een arbeidsdeskundige volgens de stelling van de reeds benoemde deskundige de kwaliteit van het onderzoek en het antwoord op de gestelde vragen zal verhogen, alsmede op het feit dat deze uitbreiding geen nadelig effect op de duur van het onderzoek zal hebben, acht de kantonrechter het verzoek toewijsbaar.
2.3 De kantonrechter zal daarom het vonnis van 11 augustus 2004 aanvullen.
2.4 Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
3. De beslissing
De kantonrechter:
Bepaalt dat de reeds benoemde deskundige zijn onderzoek mag uitbreiden met een arbeidsdeskundig onderzoek in samenwerking met [naam arbeidskundige], arbeidsdeskundige en daartoe zo spoedig mogelijk zal overgaan op een door deze in overleg met partijen te bepalen tijdstip en plaats.
Bepaalt dat de deskundige een schriftelijk, met redenen om-kleed en ondertekend bericht uiterlijk drie maanden na de uitspraak van dit vonnis ter griffie van de sector kanton zal inleveren.
Bepaalt dat deze zaak weer zal worden uitgeroepen ter rolle van de sector kanton op de vierde woensdag na de dag waarop het bericht ter griffie is ingeleverd.
Bepaalt dat de griffier van de sector kanton de deskundi-ge een afschrift van dit vonnis zal toezenden.
Houdt iedere verdere beslissing aan.
Aldus gewezen door mr. F.J.P. Veenhof, kantonrechter en in het openbaar uitgesproken ter terechtzitting van 6 oktober 2004, in tegenwoordigheid van de griffier.