ECLI:NL:RBHAA:2005:AS4148
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- A.C. Monster
- Rechtspraak.nl
Nakoming vaststellingsovereenkomst na echtscheidingsbeschikking ondanks dwalingsverweer
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden en zijn in 2003 gescheiden bij beschikking van de rechtbank Amsterdam, waarbij een convenant met afspraken bindend werd verklaard. De vrouw vordert nakoming van een vaststellingsovereenkomst waarin de man zich verbindt een bedrag van €95.000,- ineens te betalen.
De man voert verweer op basis van dwaling en stelt dat hij geen nadere overeenkomst heeft gesloten. De rechtbank overweegt dat de echtscheidingsbeschikking in kracht van gewijsde is gegaan en dwaling geen grond voor herroeping vormt volgens de wet. De vaststellingsovereenkomst bouwt voort op de bindende beschikking.
De rechtbank oordeelt dat de man gehouden is tot nakoming, wijst de vordering toe, legt een dwangsom op en veroordeelt hem in de proceskosten. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot nakoming van de vaststellingsovereenkomst en betaling van een dwangsom bij niet-nakoming.