ECLI:NL:RBHAA:2005:AU0321
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontkenning door huwelijk ontstane vaderschap van minderjarige in internationaal familierechtelijke context
De zaak betreft een verzoek van de bijzonder curator tot ontkenning van het door huwelijk ontstane vaderschap van een minderjarige geboren in Nederland in 1995. De man en de moeder zijn in Brazilië gehuwd en in 1994 van tafel en bed gescheiden, met een definitieve echtscheiding in 1997. De man ontkent het vaderschap op grond van het feit dat hij en de moeder sinds 1992 gescheiden van elkaar wonen en dat hij niet de biologische vader is.
De rechtbank stelt vast dat de minderjarige haar gewone verblijfplaats in Nederland heeft en daarom Nederlands recht van toepassing is. Hoewel Braziliaans recht formeel van toepassing zou zijn, kan de rechter op grond van de Wet Conflictenrecht Afstamming afwijken als dit in het belang van het kind is en de ouders gezamenlijk verzoeken. Zowel de man als de moeder stemmen in met het verzoek.
De rechtbank oordeelt dat het in het belang van de minderjarige is dat de juridische banden met de man worden verbroken, mede omdat de biologische vader de minderjarige wil erkennen. De Officier van Justitie concludeert tot toewijzing van het verzoek en de rechtbank wijst het verzoek als onweersproken toe. De beschikking is op 12 juli 2005 in het openbaar uitgesproken door mr. A.L. Diender.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot ontkenning van het door huwelijk ontstane vaderschap toe en verklaart het vaderschap van de man ten aanzien van de minderjarige ontkend.