ECLI:NL:RBHAA:2005:AU9694
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Polak
- G.W.S. de Groot
- L.G. Jobse
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond: geen accijnstarief vastgesteld voor minerale olie additieven
A B.V. heeft bezwaar gemaakt tegen uitnodigingen tot betaling (UTB's) van accijns op additieven die aan motorbrandstoffen worden toegevoegd. Deze additieven, geclassificeerd onder GN code 3811 9000, kunnen niet zelfstandig als brandstof worden gebruikt. Verweerder stelde dat accijns van toepassing is op grond van artikel 28 van Pro de Wet op de accijns (WA), omdat de additieven aan brandstof worden toegevoegd.
De rechtbank oordeelt dat de producten onder artikel 25, eerste lid, onder j, van de WA vallen als minerale oliën waarvoor geen accijnstarief in artikel 27 is Pro vastgesteld. Artikel 28, eerste lid, is van toepassing, maar omdat de additieven niet als brandstof worden gebruikt, is geen accijnstarief van toepassing. De rechtbank volgt de uitleg uit de nota van wijziging dat alleen producten die aan de voorwaarden van artikel 28 voldoen Pro, aan accijns worden onderworpen.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de UTB's en veroordeelt verweerder in de proceskosten. De uitspraak bevestigt dat additieven die niet zelfstandig als brandstof worden gebruikt, niet aan accijns onderworpen kunnen worden zolang er geen tarief is vastgesteld.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de opgelegde accijnsuitnodigingen worden vernietigd omdat geen accijnstarief voor de additieven is vastgesteld.