ECLI:NL:RBHAA:2005:BD5425
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van den Boogaard
- Robert
- Raymakers
- Rechtspraak.nl
Nietige dagvaarding en niet-ontvankelijkheid bij medeplegen invoer cocaïne door Surinaamse band
Verdachte werd vervolgd voor medeplegen van de invoer van ruim 6,5 kilogram cocaïne als lid van een Surinaamse band. De verdediging voerde aan dat verdachte slechts individueel 143,6 gram had ingevoerd en dat de dagvaarding nietig was. De rechtbank oordeelde dat de dagvaarding geldig was en dat medeplegen ook stilzwijgende bewuste samenwerking omvat.
De rechtbank stelde vast dat verdachte met andere bandleden, die elkaar goed kenden en gezamenlijk reisden, bewust samenwerkte. De bandleider regelde paspoorten, visa en het transport van de cocaïne. Verdachte had voorwaardelijk opzet op een grotere hoeveelheid dan zijn eigen hoeveelheid. Het Openbaar Ministerie was ontvankelijk ondanks het heenzendbeleid, vanwege de indicatie van medeplegen.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot 18 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De straf hield rekening met de ernst van het feit, de omvang van de groep medeplegers, de jeugdige leeftijd en het feit dat verdachte een first offender was. De tijd in voorlopige hechtenis werd in mindering gebracht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.