ECLI:NL:RBHAA:2006:AX8998
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische redenen zonder schending anciënniteits- en afspiegelingsbeginsel
GTI nv verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst van [verweerder], werkzaam als hulpmonteur sinds 1 september 2000, wegens bedrijfseconomische redenen in het kader van een reorganisatie binnen de GTI groep. De reorganisatie leidde tot het vervallen van functies en het schrappen van circa vierhonderd arbeidsplaatsen. GTI hanteerde het afspiegelingsbeginsel en een peildatum van 1 juli 2005. [Verweerder] was sinds oktober 2005 arbeidsongeschikt wegens schouderklachten.
[Verweerder] betwist de bedrijfseconomische noodzaak, stelt dat hij geschikt is voor een functie als monteur en voert aan dat er sprake is van schending van het anciënniteitsbeginsel en een opzegverbod wegens arbeidsongeschiktheid. Tevens voert hij aan dat GTI onvoldoende heeft bemiddeld voor herplaatsing en verzoekt hij om een hogere vergoeding dan het Sociaal Plan biedt.
De kantonrechter oordeelt dat GTI voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de reorganisatie bedrijfseconomisch noodzakelijk was en dat het afspiegelingsbeginsel correct is toegepast. De stelling van [verweerder] dat de arbeidsongeschiktheid de werkelijke reden van ontslag is, wordt verworpen, zodat geen sprake is van een opzegverbod. Bemiddeling is adequaat verricht, ook al kon [verweerder] vanwege arbeidsongeschiktheid niet optimaal deelnemen.
De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 juli 2006. Aan [verweerder] wordt een vergoeding toegekend conform het Sociaal Plan van € 7.161,18 bruto, zonder afwijking naar boven, aangezien er geen sprake is van een evident onbillijke uitkomst. Kosten worden gecompenseerd door ieder zijn eigen kosten te laten dragen.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 juli 2006 met een vergoeding van € 7.161,18 bruto conform het Sociaal Plan.