ECLI:NL:RBHAA:2006:AY5988
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.C.M. Rutten
- Rechtspraak.nl
Beëindiging verstrekking leefgeld aan ex-alleenstaande minderjarige asielzoeker na 18e verjaardag
Verzoekster, een ex-alleenstaande minderjarige asielzoeker, kreeg op 3 april 2006 bericht dat de verstrekking van haar leefgeld werd beëindigd omdat zij op 26 februari 2004 achttien jaar was geworden en haar eerste asielbeschikking dateerde van 13 februari 2002, na 1 januari 2000. Verzoekster maakte bezwaar en stelde dat het zogenaamde Stappenplan III en het meewerkcriterium van toepassing waren, omdat zij zich voldoende inspande om terug te keren naar haar land van herkomst.
De rechtbank oordeelt dat het Stappenplan niet van toepassing is op verzoeksters situatie, aangezien dit alleen geldt voor eerste IND-beschikkingen van vóór 1 januari 2000. Het meewerkcriterium maakt geen deel uit van het beleid dat hier geldt. De rechtbank stelt vast dat verweerder het besluit op juiste gronden heeft genomen conform het geldende beleid, waarbij het COA de ex-ama informeert over het beëindigen van de leefgeldverstrekking na het bereiken van de meerderjarigheid.
De rechtbank wijst het beroep ongegrond en wijst tevens het verzoek om een voorlopige voorziening af, omdat nader onderzoek geen nieuwe relevante gegevens zal opleveren en de zaak direct kan worden afgedaan. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de leefgeldverstrekking wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.