ECLI:NL:RBHAA:2006:AY6096
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- A.C.M. Rutten
- Rechtspraak.nl
Beëindiging bezoldiging politieman wegens verdenking schending ambtsgeheim en verduistering
Een brigadier-rechercheur van de Dienst Nationale Recherche wordt verdacht van het jarenlang doorspelen van gevoelige politie-informatie aan het criminele circuit. Hij is in voorlopige hechtenis genomen en buiten functie gesteld. Verweerder, de Minister van Binnenlandse Zaken, heeft op grond van het Barp de bezoldiging van verzoeker per 1 mei 2006 volledig stopgezet. Verzoeker betwist de rechtsgeldigheid van dit besluit en stelt dat het besluit onvoldoende gemotiveerd is, onrechtmatig tot stand is gekomen en dat hij niet in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze te geven.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het besluit rechtsgeldig is uitgereikt aan de gemachtigde van verzoeker en dat het beginsel van hoor en wederhoor niet is geschonden. De ernstige verdenkingen tegen verzoeker, waaronder schending van het ambtsgeheim en verduistering, zijn voldoende concreet en bekend bij verzoeker en zijn advocaat. De stopzetting van de bezoldiging is niet onevenredig zwaar gelet op de ernst van de feiten en de impact op de politieorganisatie.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding om het besluit tot stopzetting van de bezoldiging te schorsen, ook niet gezien de belangen van verzoeker en zijn gezin. Het verzoek is behandeld op zitting waarbij partijen zich hebben laten vertegenwoordigen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de stopzetting van de bezoldiging wordt afgewezen.