ECLI:NL:RBHAA:2006:AY6695
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Dam
- Terwiel-Kuneman
- Heidinga
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor invoer van cocaïne met voorwaardelijk opzet op kofferinhoud
Op 3 juli 2006 werd verdachte aangehouden op Schiphol wegens het opzettelijk binnenbrengen van een hoeveelheid cocaïne in Nederland. Verdachte gaf aan dat hij wist cocaïne in zijn lichaam te vervoeren, maar ontkende kennis van de cocaïne in zijn koffer. De raadsman stelde dat er geen opzet of voorwaardelijk opzet was op de kofferinhoud.
De rechtbank oordeelde dat verdachte verantwoordelijk was voor zijn bagage en dat hij een onaanvaardbaar risico had genomen door de koffer niet te controleren. Gezien de algemene bekendheid van drugssmokkel vanuit de Dominicaanse Republiek, concludeerde de rechtbank dat verdachte zich willens en wetens blootstelde aan de kans dat de koffer drugs bevatte, waarmee voorwaardelijk opzet werd vastgesteld.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk cocaïne invoerde, een strafbaar feit volgens de Opiumwet. Verdachte werd veroordeeld tot 14 maanden gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest. Tevens werden diverse inbeslaggenomen voorwerpen verbeurd verklaard, omdat deze betrokken waren bij het plegen of voorbereiden van het feit.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 14 maanden gevangenisstraf voor het opzettelijk invoeren van cocaïne met voorwaardelijk opzet op de inhoud van zijn koffer.