ECLI:NL:RBHAA:2006:AY8049
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Roelvink - Verhoeff
- E. Polak
- A.J. Roke
- Rechtspraak.nl
Helikopters als vervoermiddelen voor omzetbelasting en naheffingsaanslag
Eiseres, een onderneming die helikopters via operational lease verhuurt, stelde dat de helikopters geen vervoermiddelen zijn omdat zij uitsluitend worden gebruikt voor het verspreiden van kalk en kunstmest en niet voor personenvervoer. Verweerder legde een naheffingsaanslag omzetbelasting, een boete en heffingsrente op wegens het niet afdragen van Nederlandse omzetbelasting over de periode 2000-2003.
De rechtbank beoordeelde of de helikopters als vervoermiddelen in de zin van artikel 6, tweede lid, onderdeel d, sub 7º, Wet OB moesten worden beschouwd. Gelet op het spraakgebruik en het arrest van het HvJ EG (Hamann) werd geoordeeld dat helikopters als vervoermiddelen gelden, ook als zij niet voor personenvervoer worden gebruikt, vanwege hun mogelijkheid tot vervoer over lange afstanden.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat het daadwerkelijke gebruik doorslaggevend is en dat de helikopters daarom geen vervoermiddelen zijn. Wel werd de opgelegde boete als disproportioneel beoordeeld en daarom vernietigd. De heffingsrente werd verminderd tot € 14.321 omdat een vrijwillige verbetering binnen drie maanden na het boekjaar ontbrak.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Partijen werd de mogelijkheid gegeven om binnen zes weken hoger beroep of cassatie in te stellen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de boete, vermindert de heffingsrente en veroordeelt verweerder in proceskosten en griffierecht.