ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ0775
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Robert
- De Greeve
- Burg
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte in Beverwijkse babyzaak wegens gebrek aan bewijs medeplichtigheid kinderdoodslag
In de Beverwijkse babyzaak werd verdachte beschuldigd van medeplegen dan wel medeplichtigheid aan de doodslag van vier baby's geboren uit zijn vriendin. De officier van justitie stelde dat het onbegrijpelijk was dat verdachte niets van de zwangerschappen en bevallingen had gemerkt, gezien hun samenwoning en de omstandigheden. De rechtbank oordeelde echter dat een beroep op gezond verstand niet voldoende bewijs is.
Psychiatrisch onderzoek toonde aan dat verdachte ongevoelig was voor signalen van zijn vriendin, die haar zwangerschappen bewust verborgen hield vanwege een ernstige stoornis. Getuigenverklaringen en het ontbreken van technisch bewijs, behalve het DNA dat verdachte als vader aanwees, ondersteunden zijn ontkenning van wetenschap.
De rechtbank concludeerde dat de verklaringen van de vriendin over de aanwezigheid van verdachte tijdens de bevallingen niet als bewijs konden dienen vanwege haar dissociatieve amnesie en fantasiewereld. Ook het feit dat de dode baby's in de tuin werden verborgen was onvoldoende om wetenschap van verdachte aan te nemen.
Gezien de samenhang van alle omstandigheden, waaronder de stoornis van de vriendin en de verwijdering in de relatie, was er geen bewijs dat verdachte op de hoogte was van de zwangerschappen of betrokken bij de doodslag. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens gebrek aan bewijs van wetenschap en betrokkenheid.