ECLI:NL:RBHAA:2007:AZ6686
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.J. Harts
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor betaling ambulancekosten ondanks directe declaratiemogelijkheid bij verzekeraar
Op 10 augustus 2004 verleende de Regionale Ambulancevoorziening Gooi en Vechtstreek (RAV) ambulancehulp aan de gedaagde. RAV stuurde vervolgens een factuur van €514,80 naar een adres in Amsterdam waar de gedaagde tot medio 2005 woonde. Ondanks sommatiebrieven en een telefoongesprek waarin de gedaagde aangaf dat de rekening vermoedelijk was voldaan, werd geen betalingsbewijs overlegd en werden juiste adresgegevens niet verstrekt.
De gedaagde betwistte de vordering omdat zij de factuur en sommatiebrieven niet op haar woonadres ontving en meende dat de kosten onder de Ziekenfondswet vielen, zodat RAV rechtstreeks bij haar verzekeraar Agis had moeten declareren. De rechtbank oordeelde echter dat de gedaagde als opdrachtgever zelf verantwoordelijk is voor betaling en dat de relatie tussen gedaagde en verzekeraar RAV niet bindt.
De rechtbank stelde vast dat de gedaagde van de vordering op de hoogte was geraakt nadat een verkeerd geadresseerde sommatiebrief alsnog bij haar terechtkwam, maar zij naliet juiste adresgegevens te verstrekken en geen betalingsbewijs aanleverde. De vordering tot betaling van het factuurbedrag en wettelijke rente werd daarom toegewezen. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen omdat niet was aangetoond dat de werkzaamheden verder gingen dan gebruikelijke aanmaningen.
De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter C.J. Harts op 18 januari 2007.
Uitkomst: Gedaagde is aansprakelijk voor betaling van ambulancekosten en wettelijke rente; incassokosten worden afgewezen.