ECLI:NL:RBHAA:2007:AZ7305
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot opheffing conservatoir beslag wegens onvoldoende grond voor herroeping arrest
In deze zaak vordert eiser de opheffing van een conservatoir beslag dat door Holland Casino is gelegd onder Stichting Pensioenfonds Holland Casino. Dit beslag is gelegd in afwachting van een procedure tot herroeping van een eerder arrest van het Hof Amsterdam, waarin de vordering van Holland Casino tegen eiser was afgewezen.
De voorzieningenrechter baseert zijn oordeel op het arrest van de Hoge Raad van 30 juni 2006, waarin is bepaald dat bij een vordering tot opheffing van conservatoir beslag de wederzijdse belangen van partijen moeten worden afgewogen, waarbij het feit dat de bodemrechter reeds uitspraak heeft gedaan wel meegewogen, maar niet doorslaggevend is. In dit geval is de hoofdvordering de vordering tot herroeping ex artikel 382 Rv Pro, die zeer kritisch moet worden beoordeeld.
Holland Casino heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat eiser mogelijk bedrog heeft gepleegd door het achterhouden van stukken over Zwitserse bankrekeningen, wat de basis vormt voor de herroepingsvordering. Hoewel eiser stelt dat de herroeping te laat is ingesteld, is geoordeeld dat Holland Casino pas op 21 juli 2006 over de cruciale stukken beschikte, zodat de termijn niet is overschreden.
De voorzieningenrechter wijst de vordering tot opheffing van het beslag af en veroordeelt eiser in de proceskosten. Het beslag blijft gehandhaafd in afwachting van de uitkomst van de herroepingsprocedure.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van het conservatoir beslag wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.