ECLI:NL:RBHAA:2007:BB8322
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens onrechtmatige concurrentie en overtreding nevenwerkzaamhedenbeding
De werknemer was sinds 1 januari 2005 in dienst bij DGM als directeur technische zaken en had een arbeidsovereenkomst met een nevenwerkzaamhedenbeding. Ondanks toestemming voor bepaalde nevenactiviteiten bij derden, startte hij op 13 juni 2006 een eigen onderneming met concurrerende activiteiten, wat leidde tot een ontslag op staande voet op 7 augustus 2006.
DGM vorderde onder meer bevestiging van het ontslag, een verbod op concurrerende activiteiten en het staken van de onderneming van de werknemer. De werknemer betwistte het ontslag en stelde dat hij toestemming had voor zijn nevenactiviteiten en dat het ontslag onregelmatig en kennelijk onredelijk was.
De kantonrechter oordeelde dat vanaf 6 juli 2006 duidelijk was dat DGM geen toestemming meer gaf voor de onderneming van de werknemer en dat diens weigering de inschrijving bij de Kamer van Koophandel te beëindigen een dringende reden vormde voor ontslag op staande voet. Tevens werd vastgesteld dat de werknemer bedrijfsgevoelige informatie had gekopieerd en onrechtmatig concurreerde.
De vorderingen van DGM werden toegewezen, waaronder het concurrentieverbod en het staken van de onderneming, terwijl de vorderingen van de werknemer tot herstel van de arbeidsovereenkomst en schadevergoeding werden afgewezen. De werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is rechtsgeldig en er is een verbod opgelegd op concurrerende werkzaamheden en het benaderen van DGM-relaties.