ECLI:NL:RBHAA:2007:BB8570
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.M. Flohil
- Rechtspraak.nl
Toewijzing hoofdverblijfplaats minderjarige kinderen aan moeder in Nederland
In deze zaak gaat het om de hoofdverblijfplaats van twee minderjarige kinderen die momenteel bij familie van de vader in Turkije verblijven. De vader wil de kinderen tijdelijk in Turkije laten wonen totdat hij een nieuwe partner vindt die voor hen kan zorgen, terwijl de moeder de kinderen terug in Nederland wil hebben. De Raad voor de Kinderbescherming bracht een rapport uit waarin bleek dat de kinderen niet terugkeren naar Nederland en dat de moeder geen contact met hen heeft.
De rechtbank oordeelt dat het verblijf in Turkije, ondanks de goede zorg aldaar, bezwaarlijk is voor de kinderen omdat zij uit hun vertrouwde omgeving zijn gehaald, het contact met de moeder ontbreekt en zij bij terugkeer in Nederland een taal- en onderwijsachterstand zullen hebben. Er is geen deugdelijke onderbouwing dat de moeder niet in staat is voor de kinderen te zorgen. De rechtbank stelt vast dat het gezamenlijk gezag niet wordt uitgeoefend omdat de moeder geen rol kan vervullen.
De rechtbank besluit de hoofdverblijfplaats van de kinderen toe te wijzen aan de moeder in Nederland. Het verzoek om eenhoofdig gezag aan de moeder toe te kennen wordt afgewezen vanwege de onduidelijke situatie en het uitgangspunt van gezamenlijk gezag. De omgangsregeling en kinderalimentatie worden aangehouden totdat de kinderen in Nederland verblijven en nader onderzoek is verricht. De Raad voor de Kinderbescherming wordt verzocht een onderzoek te doen naar de omgangsregeling en de situatie van de kinderen.
Uitkomst: De hoofdverblijfplaats van de minderjarige kinderen wordt toegewezen aan de moeder in Nederland.