ECLI:NL:RBHAA:2007:BB9148
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- A.C.M. Rutten
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij beëindiging WWB-uitkering wegens mislukte werkhervatting
Verzoeker ontving een WWB-uitkering die werd beëindigd nadat hij werk had aanvaard bij Paswerk. Na slechts twee dagen niet op het werk te zijn verschenen, werd hij in de proeftijd ontslagen. Verzoeker maakte bezwaar tegen de beëindiging van de uitkering en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat sprake was van een mislukte werkhervatting, een nieuwe omstandigheid die een heroverweging van het besluit rechtvaardigt. Verweerder erkende dat verzoeker in september 2007 een inkomen had dat onder de bijstandsnorm lag, waardoor hij in de zin van de WWB recht had op bijstand.
Gelet op de belangenafweging en het spoedeisende karakter van de situatie, schorst de voorzieningenrechter het besluit tot beëindiging van de uitkering en beveelt dat vanaf 1 oktober 2007 voorschotten worden verstrekt ter hoogte van minimaal 50% van de bijstandsnorm, totdat op het bezwaar is beslist. Tevens worden proceskosten aan verzoeker toegekend.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de WWB-uitkering wordt geschorst en voorschotten van minimaal 50% van de bijstandsnorm worden toegekend.