ECLI:NL:RBHAA:2007:BC0075
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over berekening heffingsrente bij gedeeltelijke betaling aanslag inkomstenbelasting 2004
Eiser betaalde op 30 december 2004 een bedrag van € 44.000 aan de Belastingdienst onder vermelding van inkomstenbelasting 2004, ruim twee jaar voordat de definitieve aanslag werd opgelegd. De Belastingdienst reageerde niet op deze betaling door geen voorlopige aanslag op te leggen of de betaling terug te storten.
De aanslag inkomstenbelasting 2004 werd op 28 december 2006 opgelegd met heffingsrente berekend over het volledige aanslagbedrag van € 50.815. Eiser stelde dat heffingsrente slechts over het verschil tussen de aanslag en de reeds betaalde € 44.000 mocht worden berekend.
De rechtbank overwoog dat de Belastingdienst binnen drie maanden na ontvangst van de betaling actie had moeten ondernemen. Het nalaten hiervan wekte bij eiser het vertrouwen dat de betaling correct was verwerkt. Het berekenen van heffingsrente over het volledige bedrag is in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel.
De rechtbank bepaalde dat heffingsrente berekend moet worden over € 6.815 vanaf 1 april 2005 tot 28 december 2006 en over € 50.815 van 1 januari tot 1 april 2005. Het beroep van eiser werd gegrond verklaard, de heffingsrente verminderd en de proceskosten aan eiser toegekend.
Uitkomst: De rechtbank vermindert de heffingsrente en bepaalt dat deze slechts over het verschil tussen aanslag en reeds betaalde som berekend mag worden.