ECLI:NL:RBHAA:2007:BC0186
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Nederlandse rechter bij ondertoezichtstelling minderjarige met verblijfplaats in Marokko
De rechtbank Haarlem behandelde een verzoek tot ondertoezichtstelling van een minderjarige die al vier jaar in Marokko woont. Hoewel de gewone verblijfplaats van het kind in Marokko ligt en de Verordening Brussel II-bis en het Haagse Kinderbeschermingsverdrag niet van toepassing zijn, oordeelt de rechtbank dat zij toch bevoegd is op grond van het commune internationaal bevoegdheidsrecht en de uitzonderingsbepaling in artikel 5 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De rechtbank baseert haar bevoegdheid op de verbondenheid van de zaak met de Nederlandse rechtssfeer, onder meer doordat de ouders en zus in Nederland wonen, zij de Nederlandse nationaliteit hebben, en de ouders de intentie hebben het kind terug te laten keren zodra haar gezondheid dat toelaat. De Raad voor de Kinderbescherming heeft onderzoek gedaan, maar kon vanwege het verblijf in Marokko slechts beperkte informatie verkrijgen.
De rechtbank houdt de behandeling aan tot 20 december 2007 om de betrokken partijen de gelegenheid te geven nadere informatie te verstrekken over onder meer de verblijfplaats, medische toestand en onderwijs van het kind. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en benadrukt het belang van tijdige informatievoorziening over de situatie van het kind.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich bevoegd en houdt de behandeling van het verzoek tot ondertoezichtstelling aan tot 20 december 2007.