ECLI:NL:RBHAA:2007:BC1324
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vaststellingsovereenkomst wegens dwaling over financiële situatie werkgever
Werknemer en werkgever kwamen overeen de arbeidsovereenkomst te beëindigen met een vaststellingsovereenkomst, waarbij een lagere vergoeding werd overeengekomen dan waarop werknemer recht meende te hebben. Werknemer stelde dat hij door onjuiste informatie over de financiële situatie van de werkgever en een vermeend dreigend faillissement tot deze overeenkomst was gekomen, en vernietigde de vaststellingsovereenkomst wegens dwaling.
De kantonrechter oordeelde dat bij vernietiging van een vaststellingsovereenkomst zwaardere eisen gelden, maar dat in dit geval voldoende grond bestond voor vernietiging. Uit de jaarrekening bleek dat de financiële situatie van de werkgever op het moment van de overeenkomst niet precair was en dat er geen reëel faillissementsrisico bestond.
De arbeidsovereenkomst bleef ontbonden per de overeengekomen datum. De kantonrechter kende werknemer een schadevergoeding toe die hem in de situatie bracht alsof hij niet met de vaststellingsovereenkomst had ingestemd, inclusief loon, vakantietoeslag en juridische kosten. Vorderingen over niet voldoende onderbouwde vakantie-uren werden afgewezen. Proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Vaststellingsovereenkomst vernietigd wegens dwaling, werknemer krijgt schadevergoeding en loonvorderingen toegewezen.