ECLI:NL:RBHAA:2007:BC3844
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Geen invorderingsrente bij vaststellingsovereenkomst vennootschapsbelasting 1997
De rechtbank Haarlem behandelde het geschil over de in rekening gebrachte invorderingsrente op de aanslag vennootschapsbelasting 1997. Eiseres stelde dat zij erop mocht vertrouwen dat geen invorderingsrente zou worden geheven vanwege een vaststellingsovereenkomst waarin de aanslagen conform de aangiften zouden worden afgedaan. Tevens werd aangevoerd dat invorderingsrente over de periode 2001-2006 moest vervallen vanwege een verzoek tot aanslagoplegging 1998.
De rechtbank overwoog dat de wet expliciet invorderingsrente toelaat bij verliesverrekening (carryback) en dat de vaststellingsovereenkomst geen toezegging bevatte die het in rekening brengen van invorderingsrente uitsloot. De inspecteur had geen toezegging gedaan en was ook niet verplicht om op mogelijke invorderingsrente te wijzen. Het vertrouwen van eiseres was onvoldoende onderbouwd en de brief van 2001 betrof slechts heffingsrente, niet invorderingsrente.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de vordering af. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd gedaan door rechter A.M. van Amsterdam op 5 december 2007 en is openbaar.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de rechtmatigheid van de invorderingsrente.