ECLI:NL:RBHAA:2008:BD3973
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Ontslag tijdens proeftijd en verplichting tot schriftelijke opgave van reden
Eiser trad op 7 september 2007 in dienst bij Werkpas met een arbeidsovereenkomst van negen maanden en een proeftijd van één maand. Werkpas beëindigde de arbeidsovereenkomst per 10 september 2007, binnen de proeftijd, zonder schriftelijk de reden van ontslag te vermelden.
Eiser vorderde op basis van artikel 7:669 BW Pro dat Werkpas schriftelijk de reden van ontslag zou opgeven, omdat dit ook bij ontslag tijdens de proeftijd verplicht is. Dit om te kunnen beoordelen of het ontslag in strijd was met opzegverboden zoals de Algemene wet gelijke behandeling.
Werkpas verweerde zich aanvankelijk door te stellen dat geen reden vermeld hoefde te worden bij ontslag in de proeftijd, maar gaf later aan dat de beëindiging plaatsvond omdat eiser zonder opgave van redenen niet meer op het werk verscheen.
De rechtbank oordeelde dat Werkpas wel degelijk verplicht was tot schriftelijke opgave van de reden en veroordeelde Werkpas tot betaling van de proceskosten. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Werkpas wordt veroordeeld tot schriftelijke opgave van de reden van ontslag tijdens de proeftijd en tot betaling van proceskosten.