ECLI:NL:RBHAA:2008:BD8088

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
21 juli 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
384499/ON 08-329pk
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • C.J. Harts
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:431 BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot onderbewindstelling wegens ontbreken noodzakelijkheid

In deze zaak heeft de verzoeker een eigen verzoek ingediend tot onderbewindstelling over zijn goederen. Tijdens de mondelinge behandeling verklaarde de verzoeker dat een bewind eigenlijk niet nodig is en dat hij alleen heeft getekend omdat de cliëntondersteuning dit noodzakelijk vond. De rechtbank stelt dat een verzoeker zelf achter zijn verzoek moet staan en dit ook tegenover de kantonrechter moet verklaren.

De rechtbank overweegt dat het instellen van een bewind op grond van artikel 1:431 BW Pro vereist dat de meerderjarige door een geestelijk of lichamelijk gebrek tijdelijk of duurzaam niet in staat is zijn vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen. Uit het dossier en de mondelinge behandeling blijkt dat de verzoeker momenteel begeleid woont en zelf meent zijn financiële belangen te kunnen behartigen.

Daarnaast is gebleken dat beleidsafspraken tussen woningbouwverenigingen ertoe leiden dat een bewind wordt verlangd voor zelfstandige verhuur, maar dit is volgens de rechtbank onvoldoende grond om een bewind in te stellen. De kantonrechter concludeert dat de verzoeker voldoende in staat is zijn vermogensrechtelijke belangen zelf te behartigen en wijst het verzoek daarom af.

Tegen deze beslissing kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Amsterdam, waarbij een advocaat moet worden ingeschakeld.

Uitkomst: Het verzoek tot onderbewindstelling wordt afgewezen omdat de verzoeker geen noodzaak tot bewindstelling heeft en zelf verklaart zijn financiële belangen te kunnen behartigen.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Sector kanton
Locatie Haarlem
Zaaknummer: 384499/ON 08-329pk
datum uitspraak: 21 juli 2008
BESCHIKKING VAN DE KANTONRECHTER
De procedure
Op 16 mei 2008 is een verzoek met bijlagen ontvangen van:
[verzoeker]
geboren op [geboortedatum], te [geboorteplaats],
wonende te [adres]
hierna te noemen: [verzoeker]
Het verzoek strekt tot het instellen van een bewind over de goederen die hem (zullen) toebehoren.
De mondelinge behandeling van het verzoekschrift heeft plaatsgevonden op 14 juli 2008.
De beoordeling
Het gaat in deze zaak om een eigen verzoek. [verzoeker] heeft tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat een bewind eigenlijk niet nodig is en dat hij getekend heeft omdat het CAV dit nodig vond.
Dit is voldoende reden om het verzoek af te wijzen
Een verzoeker moet ook tegenover de kantonrechter verklaren dat en waarom hij wil dat er een bewind wordt ingesteld.
Ten overvloede overweegt de kantonrechter als volgt. Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat de woningbouwvereniging Amstelduin en Amstelland beleidsafspraken hebben gemaakt, ertoe strekkende dat Amstelduin bereid is cliënten van Amstelland zelfstandige woonruimte te verhuren indien een bewind is ingesteld. Tevens is gebleken dat [verzoeker] nu nog begeleid woont, en zelf meent in staat te zijn tezijnertijd zijn financiële belangen te behartigen.
Voor het instellen van een bewind op grond van artikel 1:431 BW Pro is vereist dat bij de meerderjarige sprake moet zijn van een geestelijk of lichamelijk gebrek waardoor hij tijdelijk of duurzaam niet in staat is ten volle zijn vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te nemen.
________________________________________________________________________ _
De kantonrechter heeft op grond van de inhoud van het verzoekschrift, de zich in het griffiedossier bevindende stukken en de verklaringen zoals afgelegd tijdens de mondelinge behandeling van het verzoekschrift niet kunnen vaststellen dat op dit moment sprake is van een situatie die de wet vereist.
De kantonrechter is van oordeel dat [verzoeker] thans voldoende in staat is om zijn belangen van vermogensrechtelijke aard zelf behoorlijk waar te nemen omdat hij begeleid wordt.
Het feit dat de gebleken beleidsafspraken zijn gemaakt is onvoldoende grond om een bewind in te stellen.
Het verzoek zal daarom worden afgewezen.
Beslissing
De kantonrechter:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven en ondertekend door mr. C.J. Harts, kantonrechter, en in het
openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in tegenwoordigheid van de griffier.
U kunt binnen drie maanden na de hiervoor vermelde uitspraakdatum tegen deze beslissing in hoger beroep gaan bij het Gerechtshof te Amsterdam. Het beroep moet namens u worden ingesteld door een advocaat.