ECLI:NL:RBHAA:2008:BD9278
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.A. Otter
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek ontkenning door huwelijk ontstane vaderschap wegens strijdigheid Marokkaans recht met art. 8 EVRM
De moeder verzocht de rechtbank om het door huwelijk ontstane vaderschap van de man te ontkennen, stellende dat zij niet wist dat zij met hem was gehuwd en dat de biologische vader haar huidige echtgenoot is. De man, die niet in Nederland verbleef en niet op de zitting verscheen, was volgens de moeder onwetend van zijn juridische vaderschap. De rechtbank onderzocht welk recht van toepassing was en concludeerde dat het Marokkaanse recht, dat op grond van de Wet Conflictenrecht Afstamming van toepassing is, de moeder het recht onthoudt om het vaderschap te ontkennen.
De rechtbank oordeelde echter dat deze exclusieve bevoegdheid van de man strijdig is met artikel 8 EVRM Pro, dat het recht op respect voor privé- en gezinsleven beschermt. Daarom werd het Marokkaanse recht buiten toepassing gelaten wegens strijd met de Nederlandse openbare orde, en werd Nederlands recht toegepast. De moeder was echter niet ontvankelijk in haar verzoek omdat zij vanaf 2002 bekend was met het juridische vaderschap van de man, en de wettelijke termijn voor ontkenning was verstreken.
De bijzondere curator adviseerde dat toewijzing van het verzoek alleen verantwoord was indien de moeder middels DNA-onderzoek kon aantonen dat haar huidige echtgenoot de biologische vader is. De moeder werkte niet mee aan dit onderzoek, waardoor de rechtbank haar verzoek niet ontvankelijk verklaarde.
Uitkomst: De moeder wordt niet ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot ontkenning van het door huwelijk ontstane vaderschap wegens termijnoverschrijding en gebrek aan DNA-bewijs.