ECLI:NL:RBHAA:2008:BE9830
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.J. Harts
- Rechtspraak.nl
Geen persoonlijke aansprakelijkheid van echtgenoot voor privéschuld in gemeenschap van goederen
In deze zaak heeft Intermatic Holland B.V. een vordering ingesteld tegen twee echtgenoten die in gemeenschap van goederen waren getrouwd. [Gedaagde 1], werknemer van Intermatic, had een bedrag van €7.420 verduisterd, waarvan Intermatic na verrekening nog €5.849,02 tegoed had. [Gedaagde 2] was niet betrokken bij de verduistering en had ook geen afstand gedaan van de gemeenschap.
De rechtbank stelde vast dat de schuld aan [gedaagde 1] verknocht was en dat [gedaagde 2] niet persoonlijk aansprakelijk kon worden gesteld voor deze privéschuld, ondanks het recht op verhaal op de gemeenschap van goederen volgens artikel 1:96 lid 1 BW Pro. De feitelijke beëindiging van de samenleving en het ontbreken van betrokkenheid van [gedaagde 2] bij de verduistering waren hierbij van belang.
De vordering tegen [gedaagde 1] werd toegewezen tot een bedrag van €6.549, vermeerderd met wettelijke rente en beperkte buitengerechtelijke kosten. De vordering tegen [gedaagde 2] werd afgewezen. Beide partijen werden veroordeeld in de proceskosten waar zij in het ongelijk werden gesteld.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de schuldenaar tot betaling en wijst de vordering tegen de niet-schuldenaar af.