ECLI:NL:RBHAA:2008:BF3246
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopig getuigenverhoor wegens onvoldoende concreet belang
Chipshol verzocht de rechtbank om een voorlopig getuigenverhoor te bevelen om bewijs te verkrijgen dat de Luchthaven onrechtmatig jegens haar heeft gehandeld, onder meer door het sturen op een relatiebreuk met [A] en het gebruik van buitensporige procesmaatregelen. De rechtbank oordeelde dat Chipshol onvoldoende concrete feiten en omstandigheden had aangevoerd die het vermoeden van onrechtmatige afspraken tussen [A] en de Luchthaven onderbouwen.
De Luchthaven voerde meerdere verweren aan, waaronder onbevoegdheid van de rechtbank vanwege de vermeende lage schade en ontvankelijkheidsbezwaren omdat [A] niet was opgeroepen. De rechtbank verwierp deze verweren omdat de vordering nog niet aanhangig was en de rechtsverhouding tussen Chipshol en de Luchthaven centraal stond.
De rechtbank stelde vast dat de cessie-akte inmiddels was geannuleerd, waardoor het belang van Chipshol bij bewijslevering omtrent de cessie was komen te vervallen. Ook het vermoeden van geheime afspraken was onvoldoende concreet omschreven. Daarom wees de rechtbank het verzoek af en veroordeelde Chipshol in de proceskosten van de Luchthaven.
Uitkomst: Het verzoek van Chipshol tot voorlopig getuigenverhoor wordt afgewezen wegens onvoldoende concreet belang en onvoldoende onderbouwing.