ECLI:NL:RBHAA:2008:BG6101

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
21 oktober 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
AWB 08/6008
Instantie
Rechtbank Haarlem
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • G. Guinau
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:84 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek om voorlopige voorziening rijbewijsongeldigheid niet-ontvankelijk wegens ontbreken connexiteit

Verzoeker, de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen, kreeg op 12 augustus 2008 zijn rijbewijs ongeldig verklaard vanwege het niet meewerken aan een geschiktheidsonderzoek. Hiertegen maakte hij bezwaar en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. Nadat verweerder het bezwaar kennelijk ongegrond verklaarde, diende verzoeker een beroepschrift in te dienen om te voldoen aan het connexiteitsvereiste voor een voorlopige voorziening.

Tijdens de zitting op 7 oktober 2008 werd duidelijk dat verzoeker geen beroepschrift had ingediend. De voorzieningenrechter wees erop dat zonder beroepschrift geen connexiteit bestond, waardoor de rechtbank niet inhoudelijk op het verzoek kon beslissen. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk verklaard conform artikel 8:84, tweede lid, onder b, van de Algemene wet bestuursrecht.

De uitspraak werd gedaan door mr. G. Guinau en in het openbaar uitgesproken op 21 oktober 2008. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van connexiteit.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Sector bestuursrecht
zaaknummer: AWB 08 / 6008
uitspraak van de voorzieningenrechter van 21 oktober 2008
in de zaak van:
[verzoeker],
wonend te [adres], verzoeker,
tegen:
de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen,
verweerder.
1. Procesverloop
1.1 Bij besluit van 12 augustus 2008 heeft verweerder het rijbewijs van verzoeker met ingang van 19 augustus 2008 ongeldig verklaard, omdat verzoeker niet heeft meegewerkt aan het onderzoek naar de geschiktheid.
1.2 Tegen dit besluit heeft verzoeker bij brief van 26 augustus 2008 bezwaar gemaakt. Bij brief van 16 september 2008 is tevens verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
1.3 Op 22 september 2008 heeft verweerder het bezwaar van verzoeker kennelijk ongegrond verklaard.
1.4 Het verzoek is behandeld ter zitting van 7 oktober 2008, alwaar verzoeker in persoon is verschenen. Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen door mr. J.J. Kwant.
2. Overwegingen
2.1 Ingevolge artikel 8:81 Algemene Pro wet bestuursrecht (Awb) kan een voorlopige voorziening alleen worden verzocht hangende bezwaar of beroep (connexiteitsvereiste).
2.2 Op 22 september 2008 heeft verweerder verzoekers bezwaarschrift kennelijk ongegrond verklaard. Ter zitting heeft de voorzieningenrechter aan verzoeker medegedeeld dat er, nu er op het bezwaarschrift is beslist, geen sprake meer is van connexiteit. Om inhoudelijk op het verzoekschrift te kunnen beslissen, moet verzoeker derhalve een beroepschrift indienen, zodat wordt voldaan aan het connexiteitsvereiste. De rechtbank heeft verzoeker hiervoor een termijn gesteld tot 20 oktober 2008.
2.3 Nu niet is gebleken dat verzoeker een beroepschrift heeft ingediend, wordt niet aan het onder rechtsoverweging 1.3 vermelde connexiteitsvereiste voldaan. De voorzieningenrechter zal het verzoek daarom met toepassing van artikel 8:84, tweede lid, onder b, Awb niet-ontvankelijk verklaren.
3. Beslissing
De voorzieningenrechter:
verklaart het verzoek niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G. Guinau, voorzieningenrechter, en op 21 oktober 2008 in het openbaar uitgesproken, in tegenwoordigheid van R.I. ten Cate, griffier.
Afschrift verzonden op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.