ECLI:NL:RBHAA:2008:BG8145
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen overdrachtsbelasting bij verkrijging van 30% aandelen in onroerend goed lichaam
Eiseres verkreeg op 29 december 1999 30% van de aandelen in E B.V., een onroerend goed lichaam, en verweerder legde een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op omdat hij meende dat eiseres feitelijk een aanmerkelijk belang van 50% had door economische eigendom van preferente aandelen die formeel aan de Bank toekwamen.
De rechtbank stelde vast dat eiseres juridisch slechts 30% van het kapitaal bezat en dat verweerder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat eiseres de economische eigendom van de preferente aandelen had verkregen. De Bank behield haar stemrecht en zeggenschap, ook al maakte zij daar geen gebruik van.
Verweerder voerde subsidiair een beroep op fraus legis aan, stellende dat de constructie was opgezet om overdrachtsbelasting te ontgaan. De rechtbank oordeelde dat de constructie in 1998/1999 gebruikelijk en geaccepteerd was en dat de antimisbruikbepaling in artikel 4 Wet Pro BRV pas later in werking trad.
Daarom was er geen ruimte voor toepassing van fraus legis en werd het beroep van eiseres gegrond verklaard, met vernietiging van de naheffingsaanslag en de heffingsrente. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: De naheffingsaanslag overdrachtsbelasting en heffingsrente worden vernietigd omdat eiseres geen aanmerkelijk belang heeft verkregen.