ECLI:NL:RBHAA:2008:BG9086
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M. van Amsterdam
- J. Snitker
- J.H. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herinvesteringsreserve en restwaarde vastgoed na brand en renovatie
Eiseres, een vastgoedexploitant, maakte bezwaar tegen een aanslag vennootschapsbelasting over 2003, waarbij zij onder meer een dotatie aan de herinvesteringsreserve (HIR) wilde toepassen voor de verkoop van een pand. De rechtbank stelde vast dat de HIR conform artikel 3.54 Wet IB 2001 alleen kan worden afgeboekt van de aanschafprijs van een vervangend bedrijfsmiddel en niet kan worden gebruikt om de restwaarde van dat bedrijfsmiddel te verlagen.
Na een brand in 2001 werd het pand ingrijpend gerenoveerd en gesplitst, waarna het niet langer als verhuurd bedrijfsmiddel maar als voorraad voor verkoop werd aangemerkt. De rechtbank volgde de Belastingdienst in de stelling dat de intentie tot verhuur verloren was gegaan en dat de panden na renovatie bestemd waren voor verkoop. Hierdoor kon de boekwinst uit de verkoop niet worden gedoteerd aan de HIR.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat de restwaarde van het pand verder verminderd moest worden met een deel van de HIR. Ook de verwijzing naar een publicatie van een gemachtigde bracht geen verandering in het oordeel. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de aanslag vennootschapsbelasting 2003 wordt ongegrond verklaard.