ECLI:NL:RBHAA:2008:BG9236
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van den Bos
- Rutten
- Koolen-Zwijnenburg
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging doodslag met verminderd toerekeningsvatbaarheid wegens psychische stoornis
Op 29 mei 2008 betrapte verdachte onverwacht zijn vrouw met een onbekende man die zich onder zijn bed verschool. Verdachte sloeg de man meerdere malen met gebalde vuisten tegen het hoofd, wat leidde tot ernstige hersenletsels bij het slachtoffer. Verdachte werd vervolgd voor poging doodslag.
De verdediging voerde psychische overmacht en subsidiair noodweerexces aan, stellende dat verdachte onder extreme psychische druk stond en geen andere keuze had dan te handelen zoals hij deed. De rechtbank verwierp deze verweren omdat de proportionaliteit en subsidiariteit niet waren gewaarborgd en het slachtoffer geen aanval had ingezet.
Een psychologisch rapport stelde vast dat verdachte leed aan een gebrekkige geestelijke ontwikkeling en een recidiverende depressieve stoornis, waardoor hij verminderd toerekeningsvatbaar was. De rechtbank hield hier rekening mee bij het opleggen van de straf.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 10 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en de bijzondere voorwaarde van reclasseringscontact, inclusief psychologische behandeling en/of medicatie. Deze straf was hoger dan de eis van de officier van justitie, gezien de ernst van het feit.
De rechtbank benadrukte de ernst van het geweldsmisdrijf, de impact op het slachtoffer en de noodzaak van vrijheidsbeneming, maar koos voor een gedeeltelijk voorwaardelijke straf met begeleiding om recidive te voorkomen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 10 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, wegens poging doodslag met verminderd toerekeningsvatbaarheid.