ECLI:NL:RBHAA:2008:BO1010
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslagen motorrijtuigenbelasting wegens strijd met artikel 76 Wet MRB
Eiser, een taxichauffeur met een Mercedes-Benz personenauto, kreeg naheffingsaanslagen motorrijtuigenbelasting opgelegd over drie tijdvakken tussen 2000 en 2003, tezamen met vergrijpboetes van 100% van de nageheven bedragen. Deze aanslagen waren gebaseerd op een boekenonderzoek uit 2004 waarin werd geconcludeerd dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat de auto geheel of nagenoeg geheel voor taxivervoer werd gebruikt.
De Wet MRB verleent vrijstelling voor motorrijtuigen die geheel of nagenoeg geheel voor taxivervoer worden gebruikt. Verweerder stelde dat de auto niet voor ten minste 90% voor taxivervoer werd ingezet en legde daarom naheffingsaanslagen op. De rechtbank oordeelde dat het controlerapport van 2 maart 2005 het moment is waarop het vermoeden definitief bekend werd gemaakt, en dat de naheffing zich daarom slechts kan uitstrekken over vier aaneengesloten tijdvakken van drie maanden, met het laatste tijdvak waarin het feit werd geconstateerd.
Omdat de naheffingsaanslagen betrekking hadden op een langere periode dan toegestaan, zijn deze in strijd met artikel 76, tweede lid, Wet MRB opgelegd. De rechtbank verklaarde de beroepen gegrond en vernietigde de uitspraken, naheffingsaanslagen en boetebeschikkingen. Er werd geen afzonderlijke proceskostenveroordeling uitgesproken vanwege eerdere kostenveroordelingen in samenhangende zaken.
Uitkomst: De naheffingsaanslagen en boetebeschikkingen motorrijtuigenbelasting zijn vernietigd wegens strijd met artikel 76, tweede lid, Wet MRB.