ECLI:NL:RBHAA:2008:BY0751
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling schadevergoeding na aanvaring tussen vrachtschip en ponton
In deze civiele zaak staat een aanvaring tussen een vrachtschip en een losgeraakt ponton centraal. SON, een onderlinge waarborgmaatschappij, vordert betaling van schadevergoeding van [A] B.V., de gedaagde partij. SON heeft een akte van cessie overgelegd waaruit blijkt dat zij is gesubrogeerd in de rechten van haar verzekerde V.O.F. Romi voor een bedrag van EUR 4.496,00.
[A] B.V. betwist dat SON gerechtigd is het eigen risico van EUR 1.004,00 namens V.O.F. Romi te vorderen, omdat de akte van cessie is opgesteld tussen SON en [B], van wie volgens het handelsregister niet is gebleken dat hij bevoegd was namens V.O.F. Romi op te treden. De rechtbank oordeelt echter dat op grond van artikel 17 van Pro het Wetboek van Koophandel iedere vennoot bevoegd is namens de vennootschap te handelen, waardoor het verweer faalt.
Verder heeft [B] SON volmacht gegeven om vorderingen in eigen naam te incasseren. Het eigen risico wordt als schadepost beschouwd die door [A] is veroorzaakt, zodat ook dit bedrag toewijsbaar is. De rechtbank veroordeelt [A] tot betaling van EUR 5.500,00 vermeerderd met wettelijke rente vanaf respectievelijk de dag van dagvaarding en 13 juni 2006. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt [A] B.V. tot betaling van EUR 5.500,00 vermeerderd met wettelijke rente en compenseert de proceskosten.