ECLI:NL:RBHAA:2009:552
Rechtbank Haarlem
- Proces-verbaal
- A.J. Roke
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vrijstellingsvergunning verhuisauto wegens onvoldoende gebruiksperiode in het land van herkomst
Eiser, woonachtig en werkzaam in de Verenigde Staten, kocht in oktober 2007 een auto die vanwege leveringsproblemen pas op 22 december 2007 in zijn bezit kwam. De auto werd op 12 juni 2008 naar Nederland verscheept en eiser bracht zijn normale verblijfplaats op 24 juni 2008 naar Nederland over. Eiser vroeg op 16 juni 2008 een vrijstellingsvergunning verhuisgoederen aan, inclusief de auto. Verweerder wees de aanvraag af omdat niet voldaan was aan de voorwaarde van minimaal zes maanden gebruik van de auto in het land van herkomst.
De rechtbank overwoog dat de douanevrijstelling strikt moet worden uitgelegd en dat de auto gedurende zes maanden in bezit en gebruik moest zijn geweest. De periode van verscheping kon niet worden meegerekend omdat gedurende die tijd feitelijk geen gebruik mogelijk was. Eiser had minder dan zes maanden gebruik kunnen maken van de auto in de Verenigde Staten, waardoor niet aan de voorwaarden voor vrijstelling was voldaan.
Eiser voerde aan dat de periode dat de auto op zee was meegeteld moest worden en dat er sprake was van bijzondere omstandigheden vanwege de late levering. De rechtbank verwierp deze argumenten, oordeelde dat de verschepingstijd niet meetelt en dat de late levering geen bijzondere omstandigheid is die tot een uitzondering leidt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de vrijstellingsvergunning voor de verhuisauto wordt ongegrond verklaard omdat niet aan de zesmaanden gebruiksvoorwaarde is voldaan.