ECLI:NL:RBHAA:2009:BH3390
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van den Bos
- Eichperger
- Crijns
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid en omzetting Spaanse gevangenisstraf wegens invoer cocaïne in Nederland
De rechtbank Haarlem behandelde de vordering van het Openbaar Ministerie tot tenuitvoerlegging van een onherroepelijke Spaanse rechterlijke beslissing waarbij de veroordeelde was veroordeeld tot een gevangenisstraf van negen jaren en één dag wegens in- en uitvoer van verdovende middelen.
De veroordeelde, die de Nederlandse nationaliteit bezit en zich in Nederland bevindt, heeft de wens uitgesproken dat Nederland de tenuitvoerlegging van de straf overneemt. De rechtbank stelde vast dat het feit strafbaar is gesteld in zowel het Spaanse als het Nederlandse recht en kwalificeerde het als opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet.
De rechtbank oordeelde dat de straf in Nederland hoger zal zijn dan gebruikelijk vanwege de ernst van het feit en de zwaardere beoordeling in Spanje. Rekening houdend met de omstandigheden, de persoon van de veroordeelde en de regeling omtrent voorwaardelijke invrijheidstelling, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 51 maanden op.
De tijd dat de veroordeelde al in detentie heeft doorgebracht, zowel in Spanje als sinds zijn overbrenging naar Nederland, wordt volledig in mindering gebracht. Het vonnis werd uitgesproken door een meervoudige strafkamer op 5 februari 2009.
Uitkomst: De rechtbank legt een gevangenisstraf van 51 maanden op ter uitvoering van de Spaanse veroordeling wegens invoer van cocaïne.