ECLI:NL:RBHAA:2009:BH9148
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vernietiging erkenning kind wegens dwaling in persoon vader
De vrouw verzocht de rechtbank om de erkenning van haar kind door de man te vernietigen op grond van dwaling in de persoon van de man. Zij stelde dat zij destijds niet op de hoogte was van de criminele activiteiten van de man en dat zij door deze dwaling toestemming had gegeven voor de erkenning. De man erkende het kind vóór het huwelijk met de vrouw, waarbij de vrouw haar toestemming had gegeven, wetende dat hij niet de biologische vader was.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van dwaling in de persoon van de man op het moment van de erkenning. De vrouw had vertrouwen in de man en hield van hem, en zij hadden als gezin samengeleefd tot aan zijn arrestatie. De vrouw realiseerde zich pas later tijdens de strafzaak van de man de ware aard van zijn persoon, maar dit was onvoldoende om de erkenning te vernietigen.
De bijzondere curator stelde dat het verzoek juridische grond ontbeerde en dat het belang van het kind gediend was met het in stand houden van de erkenning. De rechtbank volgde dit advies en wees het verzoek af. De vrouw kan eventueel later, als het kind meerderjarig is, zelf de erkenning laten vernietigen.
Uitkomst: Verzoek tot vernietiging van de erkenning wegens dwaling in de persoon van de man wordt afgewezen.