ECLI:NL:RBHAA:2009:BI2382
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. Guinau
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek naturalisatie wegens vermoedelijk gevaar voor openbare orde
Eiser diende een verzoek tot naturalisatie in via zijn moeder, maar verweerder weigerde dit omdat eiser tijdens de behandeling meerderjarig werd en er ernstige vermoedens bestonden dat hij een gevaar voor de openbare orde vormde. Eiser betwistte zijn geboortedatum en stelde dat hij ten tijde van het verzoek minderjarig was, en dat dit geen belemmering mocht zijn voor medeverlening van het Nederlanderschap. Tevens ontkende hij een gevaar voor de openbare orde te vormen.
De rechtbank oordeelde dat uit de Rijkswet op het Nederlanderschap (Rwn) niet ondubbelzinnig volgt dat het verzoek moet worden afgewezen indien de verzoeker tijdens de procedure meerderjarig wordt. Hierdoor kon de primaire afwijzingsgrond niet worden gedragen. Echter, de rechtbank vond dat verweerder zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat eiser een gevaar voor de openbare orde vormde, gelet op het feit dat in de vier jaar voorafgaand aan het verzoek meerdere sancties wegens misdrijven waren opgelegd.
De rechtbank benadrukte dat verweerder beoordelingsruimte heeft bij de vraag of een vreemdeling een gevaar vormt voor de openbare orde en dat het beleid om naturalisatie af te wijzen bij recente strafrechtelijke sancties niet kennelijk onredelijk is. Eiser kon geen bijzondere omstandigheden aandragen die aanleiding zouden geven om van dit beleid af te wijken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het naturalisatieverzoek wordt ongegrond verklaard vanwege het vermoeden van gevaar voor de openbare orde.