ECLI:NL:RBHAA:2009:BI2778
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A. Coyajee-Kappers
- M.P.J. Ruijpers
- J.E. van Praag
- Rechtspraak.nl
Zorgplicht en waarschuwingsplicht van vermogensbeheerder bij vrijehandvermogensbeheer
Wilgenhaege beheerde vanaf maart 2007 het vermogen van eiser op basis van vijf vermogensbeheerovereenkomsten en een vijftal tripartite overeenkomsten met een bank. Eiser had ruime ervaring met beleggen, wat bleek uit ingevulde vragenlijsten en e-mails met instructies. Wilgenhaege trad op als vrijehandvermogensbeheerder, vrij in samenstelling en wijziging van de portefeuille.
Eiser stelde dat Wilgenhaege tekort was geschoten in haar zorgplicht door onvoldoende te waarschuwen voor risico’s, het voeren van een beleggingsbeleid dat niet paste bij zijn cliëntprofiel en risicoprofiel, en het overschrijden van maximaal acht transacties per jaar. De rechtbank oordeelde dat de waarschuwingsplicht niet was geschonden gezien de beleggingservaring van eiser en de verstrekte informatie. Het bewijs dat het beleggingsbeleid niet passend was, rustte op eiser.
De rechtbank verwierp ook het verwijt van churning wegens onvoldoende onderbouwing. De aansprakelijkheidsbeperking in de overeenkomst werd nietig verklaard wegens onredelijk bezwarend. De zaak werd aangehouden voor nader bewijs over het niet-passende beleggingsbeleid en de schade, waarbij eiser zich moest uitlaten over de wijze van bewijslevering.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de waarschuwingsplicht niet is geschonden en dat eiser de bewijslast draagt voor het niet-passende beleggingsbeleid; de zaak wordt aangehouden voor nader bewijs.