ECLI:NL:RBHAA:2009:BJ1037
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.M. Flohil
- A. Roelvink-Verhoeff
- P.R. de Geus
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgemeenschap en schulden na echtscheiding met verknochte schuld
De rechtbank Haarlem heeft op 21 april 2009 uitspraak gedaan over de verdeling van de huwelijksgemeenschap tussen een man en een vrouw na hun echtscheiding. De te verdelen gemeenschap bestond uit onder meer inboedel, een schuld aan de voormalige werkgever van de man, een buitenlandse bankrekening en diverse schulden. De vrouw kreeg onder meer foto’s, poëziealbums en muziekstukken toegewezen zonder vergoeding.
De man werd toegedeeld de schuld van € 76.487,80 aan zijn voormalige werkgever, die was ontstaan door fraude, onder de verplichting de vrouw te vrijwaren tegen aanspraken van derden. De rechtbank oordeelde dat deze schuld niet als verknocht aan de man kon worden aangemerkt, maar dat de redelijkheid en billijkheid meebrengen dat hij deze schuld draagt.
De bankrekening in Spanje werd aan de man toegewezen met de verplichting om de vrouw de helft van een eventueel batig saldo per peildatum te betalen. De overige schulden, waaronder een doorlopend krediet en een schuld aan Neckerman, werden als gemeenschapschulden gelijk verdeeld. Het verzoek van de vrouw tot verrekening van een recht op teruggaaf werd afgewezen omdat dit recht reeds was verrekend vóór ontbinding van de gemeenschap.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het hoger beroep kan binnen drie maanden worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De rechtbank deelt de huwelijksgemeenschap en schulden tussen partijen waarbij de schuld aan de werkgever aan de man wordt toegedeeld met vrijwaring voor de vrouw.