ECLI:NL:RBHAA:2009:BJ6778
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E.A. Coyajee-Kappers
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen naheffing vast recht wegens niet-gelijkluidende conclusies van repliek
De Stichting Volendam en 61 individuele eisers vorderden betaling van een bedrag van ruim €7,5 miljoen van Fortis Bank Nederland. De griffier van de rechtbank Haarlem heefde aanvankelijk vast recht geheven van €4.667,00, maar voerde later een naheffing door omdat de conclusie van repliek niet voor alle eisers gelijkluidend was. Verzoekers stelden dat zij slechts eenmaal vast recht verschuldigd waren en dat de naheffing na ruim een jaar strijdig was met het gerechtvaardigd vertrouwen.
De rechtbank oordeelde dat de conclusies van repliek per individuele eiser verschillen en dus niet gelijkluidend zijn, waardoor naheffing in principe mogelijk is. Echter, het tijdsverloop van ruim een jaar tussen de conclusie van repliek en de naheffing wekte bij verzoekers het gerechtvaardigd vertrouwen dat het eerder geheven vast recht niet meer zou worden aangepast.
De griffier had dit tijdsverloop niet kunnen laten gelden als reden voor de late naheffing, omdat dit risico voor zijn rekening kwam. Daarom werd het verzet gegrond verklaard en werd bepaald dat verzoekers geen ander vast recht verschuldigd zijn dan het oorspronkelijke bedrag van €4.667,00. Het verzoek tot verklaring van onverschuldigde betaling werd afgewezen omdat verzoekers nog niets hadden betaald.
Uitkomst: Het verzet tegen de naheffing van vast recht wordt gegrond verklaard en verzoekers zijn slechts het oorspronkelijk geheven vast recht van €4.667,00 verschuldigd.